Overslaan en naar de inhoud gaan
19103 Freepik
18 februari

Decarbonisatie op stoom, maar tempo moet omhoog

In veel sectoren van de Nederlandse economie is de decarbonisatie, de transitie naar koolstofarme of koolstofvrije productieprocessen, in volle gang. Toch moet het tempo van de overgang omhoog om zicht te houden op het bereiken van de klimaatdoelen per 2030. Dat stelt ABN-AMRO in het analyserapport Emissiekloof Nederland richting 2030.

In veel sectoren van de Nederlandse economie is de decarbonisatie, de transitie naar koolstofarme of koolstofvrije productieprocessen, in volle gang. Toch moet het tempo van de overgang omhoog om zicht te houden op het bereiken van de klimaatdoelen per 2030. Dat stelt ABN-AMRO in het analyserapport Emissiekloof Nederland richting 2030.

Page content

In veel sectoren van de Nederlandse economie is de decarbonisatie, de transitie naar koolstofarme of koolstofvrije productieprocessen, in volle gang. Toch moet het tempo van de overgang omhoog om zicht te houden op het bereiken van de klimaatdoelen per 2030. Dat stelt ABN-AMRO in het analyserapport Emissiekloof Nederland richting 2030.

19103 Freepik
Foto: Freepik.

In het rapport belicht de bank de achtergronden en context van de vooralsnog te trage transitie. De initiatieven tot decarbonisatie zijn talrijk, ook de best practices liggen onderhand voor het oprapen. Het 2030-doel (55% emissiereductie t.o.v. het niveau van 1990) is vooralsnog voor slechts enkele economische sectoren reëel haalbaar. Vooral de energie-intensieve industrie, waaronder de basismetaalindustrie, staat nog voor de grote uitdaging om de beoogde en vaak al beproefde koolstofarme fabricage daadwerkelijk te implementeren.

Vaak zijn de technologieën al voorhanden en binnen afzienbare tijd rijp voor toepassing. Een snelle overstap wordt echter geremd door de rest-levensduur van bestaande, kostbare installaties, beperkingen van de bestaande infrastructuur, de hoge investeringskosten en onzekerheden rond bijvoorbeeld beschikbaarheid en toevoer van alternatieve grondstoffen (zoals schroot) en de congestie op het elektriciteitsnetwerk.

Meer steun voor energie-intensieve industrie

Het actuele emissiehandelssysteem van de EU (EU-ETS) is volgens ABN AMRO wel een waardevol instrument om de grotere uitstoters van broeikasgassen binnen de Nederlandse industrie te stimuleren tot (sneller) verduurzamen. Elk jaar weer wordt het aantal vrije emissierechten omlaag gebracht (en daarmee de druk op de EU-ETS-veilingprijs opgevoerd). Hierdoor worden bedrijven er steeds meer toe aangezet om hun uitstoot te verminderen. Inmiddels valt bijna 80 procent van alle uitstoot door de Nederlandse industrie onder de EU-ETS.

Om de gestelde klimaatdoelen te halen, is het echter belangrijk dat de energie-intensieve industrie bij haar verduurzamingsambities en -acties wordt ondersteund via een vast regie en consistente keuzes van de overheid, aldus ABN AMRO. Want als de industrie achter blijft lopen op het ‘transitieschema 2030’, kan dat uiteindelijk ten koste gaan van de internationale concurrentiekracht van Nederland, waarschuwt de bank.

Klimaatvriendelijk produceren kan, naast ecologisch, ook blijvend economisch voordeel opleveren, benadrukt ABN AMRO in het analyserapport. Bedrijven die écht minder (fossiele) energie en brandstof verbruiken en hierdoor een lagere uitstoot hebben, besparen aantoonbaar op bedrijfs- en kapitaalkosten, halen een hogere omzetgroei en zijn beter bestand tegen een ongunstige conjunctuur of geopolitieke onrust.

ABN AMRO
Bron: Emissiekloof Nederland richting 2030, feb. 2026, ABN AMRO.